Woonzorgcomplex Kloostertuin Nijmegen_ABT installatieadvies
03 november 2015

In de voetsporen van Koen Limperg

In oktober is in Vlaanderen door de Nederlands Vlaamse Bouwfysica Vereniging (NVBV) een succesvolle kennisdag georganiseerd met als doel het kennisnetwerk bouwfysica een nieuwe impuls te geven. Ik mocht als voorzitter van de NVBV hieraan een bijdrage leveren in de vorm van de welkomstlezing. In de voorbereiding daarop kwam ik uit bij het (voor zover mij bekend) eerste boek dat in Nederland is verschenen op het gebied van de bouwfysica van de hand van Koen Limperg, getiteld “Naar warmer woningen”. Het boek is verschenen in 1936. In de inleiding onder de titel Merkwaardigheden schrijft Koen Limperg over het energiegebruik in gebouwen en wijst de lezer er op dat de verwarming van gebouwen en woningen in 1933 ongeveer 25% van het totale jaarlijkse energiegebruik betrof, ofwel 3,8 mln ton steenkool. De eerste vraag die daarop door hem wordt gesteld is hoe deze cijfers er uit zouden zien als meer aandacht werd besteed aan goede warmteisolatie bij de bouw van nieuwe woningen. Vervolgens wordt nog een aantal andere merkwaardigheden genoemd waarvan ik er een paar met u wil delen:

- Evenals bij een machine moeten bij een bouwwerk niet alleen de vervaardigingskosten worden berekend, doch tevens moet worden nagegaan wat het gebouw straks aan warmteverliezen door vloeren, daken en wanden verbruikt.
- Het is onzakelijk om goedkoop te bouwen en duur te wonen door hoge rekeningen voor het brandstoffen-verbruik!
- Of er in een woning veel gestookt moet worden hang in de allereerste plaats van de architect af en dan pas van de verwarmings-installateur.

In zijn Program, het puntenplan wat er zoal moet gebeuren, somt Koen Limperg punten op die volgens hem aandacht vragen en waaraan gewerkt moet worden. Ik citeer een aantal belangrijke:

1. Het ontstaan van nieuwe bouwmaterialen en de toepassing van nieuwe bouwsystemen vereist dat met meer dan vroeger aandacht zal gaan schenken aan een doeltreffende warmte-isolatie van gebouwen
2. De bouwer dient derhalve ingelicht te worden omtrent de warmte-overdrachtsverschijnselen van bouwmaterialen
3. Van de zijde van de verwarmings-technici bestaat tevens de wens, dat de physische wetten der warmte-overdrachts-verschijnselen alsmede de problemen van verwarmings-technische en isoleer-technische aard in wijder kringen van bouwkundigen bekend zullen worden. Een nauwer samenwerking tussen de beoefenaars van de beide vakgebieden is een eis voor doelmatig bouwen.
4. Sommige bepalingen in Nederlandse bouwverordeningen blijken thans belemmerend te werken op de ontwikkeling van de bouwtechniek.

Volgend jaar is het 80 jaar na de eerste publicatie en het lijkt wel of dit stuk tekst, afgezien van de woordkeuzes en spelling, gisteren geschreven zou kunnen zijn. De onderliggende boodschap van de noodzaak tot verdergaande energiebesparing heeft in tussentijd alleen nog maar aan urgentie en actualiteit gewonnen. En waarom heb ik er juist in het kader van de kennisdag in Vlaanderen gebruik gemaakt van hetgeen door Koen Limperg is opgeschreven? Omdat hij zo duidelijk aandacht vraagt voor kennisontwikkeling en kennisoverdracht op het gebied van energie en energiebesparing in de gebouwde omgeving. En juist dat is een van de pijlers waar een NVBV een duidelijke rol in kan vervullen.

Auteur: Ad van der Aa

Reacties

Er zijn nog geen reacties

Reageren op dit artikel is niet meer mogelijk

Deel dit bericht